Het plan: 50.000 beschutte banen. De praktijk na drie jaar: 735 plekken

Het plan: 50.000 beschutte banen. De praktijk na drie jaar: 735 plekken

Het wil maar niet lukken om werk te creëren voor de zwakste groep mensen in Nederland. Ondanks de wettelijke verplichting voor gemeenten dit te doen.

Het kabinet Rutte III wil mensen in een kwetsbare positie een betere toekomst geven, schrijft ze in het regeerakkoord. Dat gaat het beste via werk, vindt het kabinet, en dus wil ze dat er niet voor 30.000 maar voor 50.000 mensen zogeheten beschut werk ontstaat. Vooralsnog zijn er in bijna drie jaar tijd slechts 735 banen gerealiseerd.

Dat blijkt uit cijfers van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) die deze week zijn vrijgegeven. Sinds 2015 mogen mensen niet meer instromen op de sociale werkplaatsen. Gemeenten zouden dat jaar 1600 beschutte werkplekken moeten realiseren voor deze groep mensen, en in 2016 was het doel 3200. Maar in de praktijk kwam er niets van terecht. Eind 2016 werden er 115 plekken geteld. De doelen werden aangepast.

Gemeenten kregen meer tijd, en de ambitie voor 2017 werd naar omlaag bijgesteld, naar 2600 plekken. Dat blijkt nog steeds veel te hoog. Eind september waren er dus nog maar 735 mensen aan het werk op een beschutte plek. Dat betekent dat inmiddels duizenden mensen voor wie een reguliere baan echt te hoog gegrepen is, thuis zitten. Ze vallen tussen wal en schip.

100 miljoen

Gemeenten klagen steen en been dat er te weinig geld is om deze mensen met een beperking aan een baan te helpen. Tegelijkertijd maken de gemeenten het geld dat er is, helemaal niet op. Er was voor de jaren 2016-2020 al 100 miljoen euro extra beschikbaar gesteld voor beschut werk. In 2016 was er maar 1 miljoen euro opgevraagd.

Volgens de boekhouding van enkele gemeenten kan het beschut werk nu zelfs al kostenneutraal worden gedaan. Zo kost iemand op een beschutte werkplek 24.000 euro aan loon, berekende de gemeente Emmen onlangs. Er komt dan nog 8.000 euro aan kosten bij voor het bedrijf voor begeleiding en eventuele aanpassing van de werkplek. Dat is samen 32.000 euro.

Participatiewet

De loonkostensubsidie die de gemeente ontvangt voor iemand die nog heel weinig kan maar wel werkt, is 17.000 euro. Vanuit de Participatiewet ontvangen gemeenten gemiddeld ook nog 8500 euro per persoon per jaar. Dan is er nog een premie voor beschut werk van drieduizend euro en levert de werknemer nog ongeveer voor drieduizend euro aan arbeid op. Dat is samen 31.500 euro, bijna net zo veel als de kosten.

De vorige staatssecretaris van sociale zaken, Jetta Klijnsma, begreep niet dat gemeenten niet aan de slag gingen met het helpen van deze mensen. Ze maakte er een wettelijke verplichting van. Die is in 2017 ingegaan. Veel gemeenten kiezen er nu voor om de beschutte werkplekken onder te brengen bij de sociale werkplaats. Terug bij af dus. Maar nu zonder cao, dus zonder pensioen op te bouwen en zonder recht op een reiskostenvergoeding, verlof of scholing.

Loondispensatie

Dit kabinet rept in het regeerakkoord wel over het budget verhogen “voor activering van mensen in een kwetsbare positie”, maar het is onduidelijk hoe of wat. Wat wel bekend is, is dat ze de loonkostensubsidie wil inruilen voor een ander instrument: loondispensatie. Maar dat is eerder een bezuiniging dan een investering.

De vereniging voor sociale werkgelegenheid Cedris, die tot 2015 de branchevereniging van sociale werkplaatsen was, pleit voor meer ruimte voor experimenten, zodat er meer geschikt werk komt voor deze doelgroep. “Omdat de 30.000 anders nooit wordt gehaald”, aldus Cedris. Laat staan 50.000.

Lees ook: Aan sociale werkplaats nieuwe stijl is weinig sociaal

Bron: Trouw

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *